Om bij het clubje te horen, ging Robert zich stoerder gedragen en zich anders kleden.
Het doel van Robert was: bij het clubje horen. Het middel vertelt hoe Robert zijn doel wil bereiken. Roberts middelen zijn: zich stoerder gedragen,
anders kleden. In een schema:

Belangrijke signaalwoorden bij het verband middel-doel zijn: om, daarom, doel, om dat te bereiken,
door, door middel van (d.m.v.), middelen.
Opdracht 1: ontdek doelen, middelen en signaalwoorden.
Aanwijzing: gebruik korte formuleringen.
1. De signaalwoorden van het verband middel-doel in onderstaande tekst zijn
en
Het doel van de fabrikanten is
Middel 1 is
Middel 2 is
Middel 3 is
Tekst 1:
Fabrikanten van voedingsproducten willen veel verkopen. Om dat te bereiken gebruiken ze in hun productinformatie slimme termen als 'geen vet', 'extra vitamines' en 'licht verteerbaar'. Ook hebben ze regelmatig kortingsacties. Tenslotte spelen ze handig in op verlangens van mensen d.m.v. reclamekreten als 'de lekkerste' en 'eenvoudig te bereiden'.
2. Het signaalwoord van het verband middel-doel in onderstaande tekst is
Het doel is dat de zoon leert
Middel 1 is
Middel 2 is
Tekst 2:
Mijn zoon moet leren met geld om te gaan. Daarom geven we hem kledinggeld, waarvan hij zelf zijn kleren moet kopen. Van zijn opa en oma krijgt hij soms 'spaargeld'. Dat moet hij dus op zijn rekening zetten voor later.
Mijn man en ik gebruiken vaak het spreekwoord: jong geleerd is oud gedaan.
Onthoud: in teksten kun je het verband middel-doel tegenkomen. Dat herken je aan de signaalwoorden.