Sterke werkwoorden

  
Kom je er echt niet uit?
Klik dan op de Hint knop.

Schrijf de persoonsvormen in de verleden tijd.

kruipen
Hij door een smalle buis.
Wij door het struikgewas.
jij gisteren door dat gat?
Ik er niet door.
Zij (mv) er wel doorheen.

wijzen
Jan naar een ballon.
Kelly naar die zebra?
Ik naar een olifant in de dierentuin.
De kinderen naar elkaar.
jij naar het sterrenbeeld Leeuw?

kiezen
Wij voor een vakantie in Limburg.
Ik een appelflap uit.
De koks het slagroomgebak.
jij altijd zulke vriendjes?
Rick een spelcomputer voor zijn verjaardag.

glijden
Jan op zijn ski's naar beneden.
jullie op een slee van de heuvel?
Joy van een glijbaan.
haar broertje daar ook vanaf?
Ik van de langste glijbaan van de wereld.