Luisterwoorden

bed

gas, gaas

huis, heus

kom, kam

lig, lieg

plaats

voetbal, melkkoe

Onthoudwoorden

cactus, narcis

fee, vee

hobby

pauw

reis

sap, zaag

taxi

thuis

web

leenwoorden

Tweelingwoorden

begin, geluk, verhaal

de

dertig

eerlijk

fantastisch

geeuw, nieuw, ruw

kwaliteit

mooi, saai, stoei

onzin, ontdekking

openheid

peer, zeur, hoor

portie, actie

schok, schrik

speciaal, specialist

Regelwoorden

bang, bank

bellen, mikken

druif druiven

echt

dorp, melk

grot, kleed

Hoofdletter

horen, leren

jasje, autootje

kies, kiezen

liever, piloot

piano s

rune, skin, zo-even

s morgens

tenen, buren

varkensvlees, dierentuin, ladekast

zo, la, nu, mee

Woorden: (de tekst staat onderaan)

enkelvoud meervoud

de haas

de kluis

de reus

de kies

de doos

de luis

de framboos

de grens

de matroos

de laars

de bes

de vos

de lus

de jas

de vis

 

werkwoord

ik reis

ik kies

ik blaas

ik bewijs

ik lees

 

bijvoeglijk naamwoord

De juf is boos.

De ruit is van glas.

Het besluit is dwaas.

Het bord is vies.

De kies zit los.

 

telwoord

We zijn met zes volwassenen.

enkelvoud meervoud

de hazen

de kluizen

de reuzen

de kiezen

de dozen

de luizen

de frambozen

de grenzen

de matrozen

de laarzen

de bessen

de vossen

de lussen

de jassen

de vissen

 

werkwoord

wij reizen

wij kiezen

wij blazen

wij bewijzen

wij lezen

 

bijvoeglijk naamwoord

een boze juf

een glazen ruit

het dwaze besluit

het vieze bord

een losse kies

 

telwoord

Met zn zessen.

hazen

 

Aan het eind van een woord schrijf je nooit een z.

Een -s verandert in het meervoud vaak in een z.

Bij korte klinkers is dit meestal niet het geval.  

 

Kopieer de tekst hieronder en plak de tekst vervolgens in de Leesversneller om te oefenen.

De plaatjes worden vanzelf weggelaten.

Tekst : AVI-M4, streeftijd: 2 min 39 sec

Een reus met kiespijn

Matroos Gijs is dol op reizen.

Het hele jaar door vaart hij op zee met zijn schip, de Vollekracht.

Hij eet baarzen en andere soorten vis.

En de muizen aan boord houden hem gezelschap.

Gijs neemt altijd kazen voor ze mee.

 

Vandaag vaart Gijs door de sluizen van een onbekend eiland.

Hij ziet geen huizen en ook geen mensen, alleen een enorm groot kasteel.

Gijs vraagt zich af, wie daarin zal wonen.

Hij springt aan wal en besluit dat uit te gaan zoeken.

 

Op zijn laarzen loopt Gijs naar de grote poort van het kasteel.

Als hij vlakbij is, hoort hij gejammer.

"Au, au, au," klinkt het van achter de poort.

Voorzichtig duwt de matroos de poort open.

Hij ziet een reus, die aan het huilen is.

"Au, au, au, wat doen mijn kiezen pijn," schreeuwt de reus.

Gijs wist niet, dat reuzen zo hard konden gillen.

Zijn oren doen er zeer van.

"Kan ik je helpen?" vraagt Gijs.

Verbaasd kijkt de reus op. Dan vertelt hij:

"Ik heb abrikozen gegeten, maar ik wist niet, dat daar pitten in zaten!

Ik heb heel hard op een pit gebeten en nou doet mijn kies zon pijn!"

"Doe je mond maar eens open," zegt Gijs.

Al snel ziet hij, dat er een kies gebroken is.

Handig bindt hij een scheepstouw om de kies en vaart op volle kracht vooruit.

De zere kies floept zo uit de mond van de reus.

Nu heeft hij geen pijn meer.

"Dankjewel!" roept de reus Gijs na.

Regelwoorden

kies, kiezen

 

Kopieer deze woordenlijst hier en plak de lijst vervolgens in Woorden flitsen.