Luisterwoorden

bed

gas, gaas

huis, heus

kom, kam

lig, lieg

plaats

voetbal, melkkoe

Onthoudwoorden

cactus, narcis

fee, vee

hobby

pauw

reis

sap, zaag

taxi

thuis

web

leenwoorden

Tweelingwoorden

begin, geluk, verhaal

de

dertig

eerlijk

fantastisch

geeuw, nieuw, ruw

kwaliteit

mooi, saai, stoei

onzin, ontdekking

openheid

peer, zeur, hoor

portie, actie

schok, schrik

speciaal, specialist

Regelwoorden

bang, bank

bellen, mikken

druif druiven

echt

dorp, melk

grot, kleed

Hoofdletter

horen, leren

jasje, autootje

kies, kiezen

liever, piloot

piano s

rune, skin, zo-even

s morgens

tenen, buren

varkensvlees, dierentuin, ladekast

zo, la, nu, mee

Woorden: (de tekst staat onderaan)

Eenvoudig:

schaal

schaap

schaar

schaats

schat

schelp

schep

scherf

scherm

scherp

schil

schim

schip

schoen

schok

schuit

schuld

schurk

schuur

schuw

schroef

schrik

schram

schraal

schreeuw

Moeilijk:

schaduw

schaken

schandpaal

scharnier

schateren

schavuit

scheepsjongen

scheidslijn

schemer

schenken

schepnet

schetteren

schilder

schildpad

schillen

schrikken

schrijfblok

schroevendraaier

schrokken

schroothoop

schrijven

schrobben

schrapen

schreien

schrikkeljaar

schaduw

Kopieer de tekst hieronder en plak de tekst vervolgens in de Leesversneller om te oefenen.

De plaatjes worden vanzelf weggelaten.

 

Tekst : AVI-E4, streeftijd: 1 min 53 sec

Aan het strand

We hebben zojuist heerlijk gegeten in restaurant De Schavuit. Het restaurant ligt aan het strand, waar we lekker de hele middag geweest zijn.

Nu mag ik nog even met mijn schepnet door het ondiepe water gaan. Ik probeer garnaaltjes te vangen. Mijn schoenen en mijn handdoek liggen verderop op het strand. Au, ik sta op een of andere scherpe schelp. Ik hoop niet, dat ik geknepen ben door een krab!

Wie staat daar zo te schreeuwen? Ik ben het niet, al heb ik wel een zere teen. Verderop zwaait een scheepsjongen vanaf een schip. Het wordt al schemerig, maar toch kan ik hem op het dek zien staan. Lachend zwaai ik terug. Hij heeft een schrobber in zijn hand en roept iets, maar ik kan hem niet verstaan. De schuit vaart steeds verder van me vandaan.

Als mijn vader me op mijn rug klopt, schrik ik. Ik had niet in de gaten, dat hij achter me stond. "Kom, we gaan naar huis," zegt hij.

We pakken alle spullen en vertrekken. Op weg naar huis denk ik na, over wat de scheepsjongen geroepen zou hebben.

Tweelingwoorden

schok, schrik

 

Kopieer deze woordenlijst hier en plak de lijst vervolgens in Woorden flitsen.